Beesel, 5 oktober 2026
SCHRIFTELIJKE VRAAG – Art. 43 (RvO 2026)
_Datum_ 26 juli 2026
_Namens fractie_ VLP
_Indiener_ Jan Hendriks
_Vraag_ Financiële effecten uitbreiding formatie wethouders.
Aanleiding: Op 11 mei 2026 zijn de nieuwe wethouders in de gemeente Beesel benoemd als uitkomst van de coalitieonderhandelingen tussen Samen Verder Beesel en het CDA. Een inhoudelijk debat en/of discussie over het nut en noodzaak en de financiële effecten voor onze gemeente van de uitbreiding van wethouders formatie van 3FTE in de raadsperiode 20222026 naar 3,3 FTE in de huidige raadsperiode heeft binnen de gemeenteraad (helaas) niet plaatsgevonden.
Omdat de gemeenteraad een kaderstellende en controlerende taak heeft en de toekomstige financiële uitdagende situatie van de gemeente Beesel noopt tot voorzichtigheid en om een integraal beeld te krijgen van de financiële impact van bovenstaande keuze, stellen we de volgende vragen:
1. Individuele bezoldiging en vergoedingen. Wat is het totaal van het bruto maandsalaris incl. vergoedingen (zoals reis-, representatie-, onkostenvergoeding) voor een wethouder in de gemeente Beesel bij een aanstelling van 1,0 FTE, en wat zijn deze bedragen specifiek bij een deeltijdaanstelling van 0,9 en 0,5 FTE? 2. Directe loonkosten. Graag ontvangen we een gedetailleerde berekening van het verschil in de totale loonsom (inclusief sociale lasten en werkgeverslasten) tussen de huidige situatie (3,3 FTE/4 wethouders) en de vorige situatie (3 FTE/3 wethouders), waarbij specifiek wordt ingegaan op het verschil in het structurele saldo per jaar. 3. Indirecte ondersteuningskosten. Welk specifiek bedrag op jaarbasis wordt begroot/gereserveerd voor de extra indirecte kosten die de uitbreiding naar 4 wethouders met zich meebrengt, waaronder de inzet van extra bestuursondersteuning/secretariaat, onkostenvergoedingen, representatiekosten, opleidingen, de inrichting van een extra werkplek etc.? 4. Pensioen- en wachtgeldverplichtingen. Welk concreet bedrag aan extra jaarlijkse lasten en/of reserveringen brengt de opbouw van pensioenrechten voor een 4 [e] wethouder met zich mee, en hoe groot wordt het extra financiële risico in euro’s ingeschat voor toekomstige wachtgeldverplichtingen bij het onverhoopt tussentijds of regulier beëindigen van de bestuursperiode? 5. Incidentele kosten. Welke incidentele bedragen zijn gemoeid met de uitbreiding naar 4 wethouders (denk aan frictiekosten, inwerkprogramma’s/opleidingen en/of fysieke aanpassingen in het gemeentehuis)? 6. Totale kosten. Graag ontvangen wij een totaaloverzicht met het effect op de meerjarenbegroting voor het uitbreiden naar 4 wethouders in de hele raadsperiode 2026-2030 (uitgesplitst in
Blz. - 1
structureel en incidenteel deel).
Indien u verduidelijkende vragen heeft naar aanleiding van bovenstaande vragen/verzoeken horen we het graag.
We gaan ervan uit dat we de beantwoording van onze vragen binnen de daartoe maximaal gestelde termijn uit het Reglement van Orde tegemoet kunnen zien.
Blz. - 2
-------.-------## Beesel
Gewoon anders
Reuver: uw kenmerk:
Verantwoorde Lokale Politiek Charles Ruysstraat 6 5953NM REUVER
25 augustus 2026 verzenddatum: 25 AU. 2026
Kijk voor
actuele openingstijden
op onze website
www.beesel.nl
Raadhuisplein 1
5953 AL Reuver
Postbus 4750
5953 ZK Reuver
T077 474 92 92
F 077 474 58 88
www.beesel.nl
info@beesel.nl
BNG 28.50.00.780
IBAN: NL50BNGH0285000780
BIC: BNGHNL2G
KvK nummer: 14130743
zaaknummer: 0889463355 onderwerp: artikel 43 (RvO 2026) vraag, VLP, Financiële effecten formatie wethouders portefeuillehouder: Martijn Derks
Geachte heer Hendriks,
Naar aanleiding van uw schriftelijke vragen van 26 juli 2026 over de financiële effecten van de uitbreiding van de wethoudersformatie van 3,0 fte naar 3,3 fte berichten wij u als volgt.
Vraag 1. Individuele bezoldiging en vergoedingen
De bezoldiging van wethouders is wettelijk bepaald en wordt naar rato vastgesteld op basis van de omvang van de aanstelling. Voor de gemeente Beesel bedraagt de bruto maandelijkse bezoldiging per 1-7-2026:
- 1,0 fte: € 7.094, 18;
- 0,9 fte: € 6.384, 76;
- 0,5 fte: € 3.547,09.
Daarnaast ontvangen wethouders vergoedingen overeenkomstig de geldende rechtspositieregeling. De vaste onkostenvergoeding bedraagt€ 467,35 netto per maand, ongeacht de omvang van de aanstelling. Eventuele reis- en verblijfskosten worden vergoed op basis van de daadwerkelijk gemaakte kosten.
Vraag 2. Directe loonkosten
De totale jaarlijkse loonsom inclusief werkgeverslasten bedraagt:
Totale 3,0 Fte 3,0 Fte +2,7%* 3,3 Fte Meerkosten loonkosten (bijlage) 2026 304.013,28 328.040,49 24.027,21
2027 310.182,04 318.556,96 351.338.88 32.781,92
2028 313.658,06 322.126,83 358.453,56 36.326.73
2029 e.v. 317.398,51 325.968,27 365.568,25 39.599,98
om een juiste vergelijking te maken zijn de loonkosten van het vorige college verhoogd met 2,7% gelijk aan de berekening van de loonkosten van de nieuwe situatie
De loonkosten bestaan uit bezoldiging, onkostenvergoeding, sociale lasten, pensioenopbouw en overige werkgeverslasten. Deze kosten zijn verwerkt in de begroting en meerjarenraming van de gemeente.
In mei 2026 is de wisseling van 3 naar 3,3 Fte. Het verschil is daarmee in 2026 minder groot. De bezoldiging is per 1-7-2026 volgens Cao Rijk verhoogd met 2,7%. De jaarlijkse stijging wordt veroorzaakt door indexering. De bedragen zijn gebaseerd op
de Cao Rijk, zoals bekend tot 1-1-2027.
Een nadere specificatie op basis van het salarissysteem voor de jaren 2026 tot en met 2030 is opgenomen in de bijlage. In de bijlage ziet u de gedetailleerde berekening van de situatie voor 11 mei en na 11 mei. Hierbij is bij de wethouders na 11 mei rekening gehouden met de loonsverhoging van 2.7% en bij de situatie voor 11 mei niet. Ons systeem laat niet toe om met loonsverhogingen te rekenen bij afgelopen dienstverbanden.
Vraag 3. Indirecte ondersteuningskosten
De uitbreiding van het college heeft niet geleid tot een structurele uitbreiding van de ambtelijke ondersteuning. De ondersteuning van het college vindt plaats binnen de bestaande formatie en beschikbare capaciteit van de organisatie.
Voor de uitbreiding van de wethoudersformatie is geen aanvullend budget opgenomen of gereserveerd voor bestuursondersteuning, secretariaat, facilitaire voorzieningen,
ICT, opleidingen, representatie of overige indirecte kosten. De aanvullende begrotingslast voor deze onderdelen bedraagt derhalve € 0 per jaar. De beschikbare budgetten zijn totaal en toereikend om in de kosten te voorzien
Vraag 4. Pensioen- en wachtgeldverplichtingen
De aanvullende pensioenlasten als gevolg van de nieuwe wethoudersformatie bedragen op basis van de huidige berekeningen circa€ 40.698 per jaar (peildatum 18-2026). Deze kosten worden in een daarvoor bestemde voorziening opgenomen.
Hierbij dient te worden opgemerkt dat dit bedrag niet kan worden beschouwd als de directe meerkosten van de uitbreiding van drie naar vier wethouders. De pensioenvoorziening omvat namelijk ook de pensioenverplichtingen van voormalig wethouders, die doorlopen nadat zij hun functie hebben neergelegd. Hierdoor is geen afzonderlijk en exact bedrag toe te rekenen aan de extra pensioenlasten die uitsluitend voortvloeien uit de uitbreiding van de wethoudersformatie met een vierde wethouder.
Ten aanzien van mogelijke wachtgeldverplichtingen geldt dat deze afhankelijk zijn van toekomstige omstandigheden en daarom niet exact vooraf zijn vast te stellen. Het maximale extra financiële risico als gevolg van de uitbreiding van de wethoudersformatie wordt geraamd op€ 110.799,03. De daadwerkelijke omvang van een eventuele verplichting is afhankelijk van onder meer de duur van het wethouderschap en eventuele inkomsten uit nieuwe arbeid.
Vraag 5. Incidentele kosten
De incidentele kosten die direct samenhangen met de uitbreiding van het college bedragen € 3.898,63.
Deze kosten hebben betrekking op de werkplekinrichting en de extra kosten voor de aanschaf van een laptop, telefoon en toebehoren.
Vraag 6. Totale kosten en effect op de meerjarenbegroting
De financiële gevolgen van de uitbreiding van de wethoudersformatie voor de raadsperiode 2026-2030 (tot en met april 2030) bedragen:
- Structurele extra lasten (bezoldiaina en werkgeverslasten): € 145.935,84;
Totale loonkosten Meerkosten
2026 24.027,21
2027 32.781,92
2028 36.326.73
2029 39.599,98
2030 (tot 11 mei) 13.200,00
- Op basis van 4 jaar zittingstermijn
- Structurele extra indirecte lasten:€ 0;
- Incidentele lasten: € 3.898,63;
- Totale extra lasten raadsperiode:€ 149.834,47.
De uitbreiding van de wethoudersformatie leidt uitsluitend tot hogere directe personeelslasten. Er zijn geen extra structurele indirecte kosten geraamd. De indirecte ondersteuning wordt binnen de bestaande organisatie en beschikbare budgetten opgevangen. De genoemde bedragen voor pensioen en wachtgeld worden opgenomen in een voorziening.
De raad wordt via de begroting en meerjarenraming (2027-2030) geïnformeerd over de financiële lasten van de omvang van het college van burgemeester en wethouders. De hierboven genoemde bedragen zijn hierin verwerkt.
Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Beesel,
b###### _o_
~Nillesen,
Secretaris
Raming 2026 Realisatie 2026 Verschil 2026 Raming 2027 Index 2027 Verschil 2027 Raming 2028 Index 2028 Verschil 2028 Raming 2029 Index 2029 Verschil 2029 Raming 2030 Index 2030 Verschil 2030
_t/m_ 11-05-2026
A. Huijs 1tte 101.857,20 36.824,22 101.886.12 2.037,72 101.886.12 4.075.44 101.886.12 6.113,17 101.886,12 6.113,17
L. v.d. Beu 1 tte 100.298,88 36.824,22 100.327.80 2.006,56 100.327,80 4.013,11 100.327.80 6.019,67 100.327.80 6.019,67
M. Roelofs 1 tte 101.857,20 36.824,22 101.886.12 2.037.72 65.459,09 1.309,18
0,00 35.869.91 717.,40 100.327,80 2.723,95 100.327.80 2.723,95
3 fte 304.013,28 110.472,66 304.100,04 6.082,00 310.182,04 303.542,92 10.115,14 313.658,06 302.541,72 14.856,79 317.398,51 302.541,72 14.856,79 317.398,51
Nieuw collega
va 11-05-2026
A. Huijs 0,9 fte 60.783,17 94.154,16 1.934,15 94.154,16 3.868,29 94.154,16 5.802,44 94.154,16 5.802,44
M. Stocks 0,9 fte 60.850,31 93.931,68 1.929,75 93.931,68 3.859,50 93.931,68 5.789,25 93.931,68 5.789,25
JW.Verijs1 fte 67.267,16 103.830,24 2.120,94 103.830,24 4.241,88 103.830,24 6.362,82 103.830,24 6.362,82
R. Linssen 0,5 fie 33.910,21 52.308,12 1.129,85 52.308,12 2.259,70 52.308,12 3.389,54 52.308,12 3.389,54
3,3 fte 222.810,85 -29.270,23 344.224,20 7.114,68 -41.156,84 344.224,20 14.229,36 -44 .795,51 344 .224,20 21.344,05 -48.169,74 344.224,20 21.344,05 -48.169,74
totaal loonkosten 2026 333.283,51
De cijfers van oud wethouders zijn gebaseerd op de loonkosten tot 11 mei en daarmee zonder 2,7% loonsverhoging De cijfers van de nieuwe wethouders zijn berekend inclusief 2.7%