Schiermonnikoog, 15 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 5 oktober 2026.
SCHIERMONNIKOOGS BELANG
Vragen technisch vragenuur zomernota 2026
Natuur (en water): In verband met de onzekerheid over de dijk- en duinversterking ben ik benieuwd wat de planning is en of daar financiële risico’s aan verbonden zijn.
_Wat betekent de huidige onzekerheid over de veiligheidsnorm concreet voor de planning van de dijk- en_ _duinversterking op Schiermonnikoog, wanneer verwacht het college hierover duidelijkheid aan de raad te_ _kunnen geven en verwacht het college dat deze onzekerheid in de toekomst financiële risico’s of hogere kosten_ _voor de gemeente met zich meebrengt?_ De onzekerheid betekent concreet dat de dijk- en duinversterking _op dit moment_ niet doorgaat. We verwachten dat in Q2 2027 meer bekend wordt of dit slechts vertraging is of dat de hele of een deel van de dijk- en duinversterking niet doorgaat. Eind 2026 moet de regio (o.a. Wetterskip, gemeente, provincie) aangeven wat de méérkosten zijn bij normverlaging. Die berekening kan de minister begin 2027 meenemen in zijn besluit rondom de normverlaging. Dit is in juni 2026 afgesproken met de minister. De regio werkt hier op dit moment aan. Het Wetterskip doet nu onderzoek naar de stevigheid van de dijk. Als de dijk aan de verlaagde normering voldoet is de kans klein dat de dijkversterking doorgaat. Dit zou betekenen dat de meekoppelkansen ook niet doorgaan. Ook de uitwerking van de integrale waterveiligheidsstrategie is hieraan gerelateerd. Het budget voor 2026 (€ 25.000 uit de AR) schuift door naar 2027. De tijdsinzet is gegaan naar lobby richting Den Haag om de dijk- en duinversterking door te laten gaan en de normering niet aan te passen. Resultaat van deze lobby is hulp vanuit de ministerie van I&W voor uitwerking van de Integrale Waterveiligheidsstrategie, maar verwacht wordt dat we het budget ook nog zullen moeten aanspreken om tot een concrete uitvoeringsagenda te komen.
Economie: Er zijn al een aantal vragen gesteld over de tegenvaller in de inkomsten uit TB, maar ik zou deze nog willen toevoegen. Wat deze tegenvaller gaat betekenen voor de financiële positie en de meerjarenbegroting.
_De opbrengst van de toeristenbelasting wordt in de Zomernota structureel naar beneden bijgesteld. Kan het_ _college toelichten wat de structurele jaarlijkse opbrengst van de toeristenbelasting vanaf 2027 naar_ _verwachting zal zijn, hoe deze zich verhoudt tot de oorspronkelijke begroting en welke financiële gevolgen deze_ _structurele tegenvaller heeft voor de meerjarenbegroting en de financiële positie van de gemeente?_
Op pagina 5 wordt een tegenvaller van € 367.571 voor de Toeristenbelasting genoemd. Dit moet € 365.510 zijn. Volgens pagina 99 van de Zomernota 2026 bedragen de geraamde opbrengsten Toeristenbelasting 2026 € 1.949.403. Dit is € 528.710 lager dan begroot en vormt daarmee een tegenvaller. Daartegenover staat dat de geraamde kosten voor het innen van 100% Toeristenbelasting 2026 € 163.200 lager uitvallen dan begroot, wat een meevaller oplevert. Per saldo resulteert dit in een tegenvaller van € 365.510. Deze bedragen zijn opgenomen op grootboeknummer 6935 102 (baten) en 6940 102 (lasten). De opbrengst Toeristenbelasting 2027 is afhankelijk van de keuze die de raad maakt ten aanzien van de tarieven, met als doel structureel hogere opbrengsten Toeristenbelasting te realiseren. Bij handhaving van de huidige tarieven wordt ook in 2027 een tegenvaller verwacht. Deze is geraamd op € 380.787, bestaande uit € 547.251 lagere opbrengsten Toeristenbelasting en € 166.464 lagere kosten voor de inning van 100% Toeristenbelasting. Vanaf 2028 kunnen de opbrengsten mogelijk worden verhoogd door te kiezen voor een andere wijze van heffen, bijvoorbeeld via de invoering van een nachtregister. Een wijziging van de heffingssystematiek vereist vanzelfsprekend eerst nader onderzoek. Deze mogelijke verhoging van de inkomsten is daarom nog niet verwerkt in de meerjarenbegroting.
Sport & Cultuur: Nog een vraag over het verschil in begrote inkomsten en de verhoging van de gemeentelijke bijdrage van het zwembad. De Zomernota geeft als reden alleen: ‘’aangepast aan de huidige explotatieovereenkomst’, maar legt niet uit waarom het zoveel duurder wordt.
_De gemeentelijke bijdrage aan de exploitatie van het zwembad wordt in de Zomernota structureel met €37.095_ _verhoogd en de begrote inkomsten worden met €11.337 verlaagd. Kan het college toelichten waardoor deze_ _wijzigingen ontstaan en wat dit betekent voor de structurele gemeentelijke bijdrage aan het zwembad vanaf_ _2027?_
De huidige huur- en exploitatieovereenkomst zijn op 1 januari 2026 afgelopen. Het is niet gelukt om voor deze datum een aanbesteding te starten. Optisport was bereid het zwembad tijdens het zwemseizoen 2026 te exploiteren, maar stelde vanwege een naar verwachting niet sluitende exploitatiebegroting een aantal voorwaarden aan de nieuw af te sluiten overeenkomsten voor 2026. Om Schiermonnikoog ook in 2026 een zwemseizoen te kunnen blijven bieden, zag het college zich genoodzaakt om gedeeltelijk aan deze voorwaarden tegemoet te komen. De hierdoor aangepaste bedragen in de huur- en exploitatieovereenkomst voor het seizoen 2026 zijn in de Zomernota 2026 verwerkt.
Inmiddels is de aanbesteding uitgevoerd en gesloten voor inschrijving. Daarbij zijn voor zowel de huurovereenkomst als de exploitatieovereenkomst marktconforme bedragen gehanteerd. Voor 2027 leidt dit tot een stijging van de kosten van de exploitatieovereenkomst met € 27.031 en een daling van de inkomsten uit de huurovereenkomst met € 13.281.