Stein, 28 september 2026
De bron levert dit stuk in meerdere versies. Dit is een andere versie van de hoofdversie; alleen die telt mee en staat in de lijsten.
Urmond, 27-09-2026
SCHRIFTELIJKE VRAGEN (Ex art. 155 lid 1 Gemeentewet jo. art. 38 Reglement van Orde)
Betreft: Langdurig parkeren en defecte voertuigen op de openbare weg
T.a.v.: het college van B&W
Geacht College,
Aanleiding;
Binnen de gemeente kunnen zich situaties voordoen waarin een voertuig gedurende langere tijd onafgebroken op een openbare parkeerplaats staat en door een technisch gebrek niet of nauwelijks meer wordt gebruikt. Zoals een situatie aan de Golstraat in Urmond waar in de periode van minstens 26 juni 2026 t/m 23 september 2026 een voertuig met een lekke band op de openbare parkeerplaats heeft gestaan.
Wanneer een dergelijk voertuig niet tevens in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert, is niet direct duidelijk welke mogelijkheden de gemeente heeft om hiertegen op te treden.
De Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Stein 2026 (hierna: APV Stein) bevat in hoofdstuk 5 verschillende bepalingen ter voorkoming van parkeerexcessen.
Artikel 5:3 bijvoorbeeld bepaald dat het verboden is een voertuig op de weg te parkeren wanneer dit voertuig rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud verkeert en tevens in een kennelijke verwaarloosde toestand verkeert. Artikel 5:4 APV Stein bevat regels voor onder andere kampeermiddelen en andere voertuigen die voor andere dan verkeersdoeleinden worden gebruikt, De gemeente beschikt daarnaast over de Wegsleepverordening Gemeente Stein 2025 (hierna: Wegsleepverordening).
Om inzicht te krijgen of deze regelgeving toereikend is, worden de volgende vragen aan het college gesteld;
Vragen
1. Welke mogelijkheden biedt de huidige APV Stein om op te treden tegen een voertuig dat door een technisch gebrek niet kan of mag worden gebruikt, langdurig op dezelfde openbare parkeerplaats staat, maar niet als voertuigwrak kan worden aangemerkt?
2. Biedt de Wegsleepverordening in zo’n situatie voldoende grondslag voor optreden of verwijdering, of is daarvoor eerst een afzonderlijke overtreding van de APV Stein of andere regelgeving vereist?
1
3. Acht het college de huidige regelgeving toereikend om langdurig defect geparkeerde voertuigen effectief aan te pakken? Zo nee, waar zit volgens het college de juridische of praktische leemte?
4. Verschillende Limburgse gemeenten, waaronder Sittard-Geleen, Valkenburg aan de Geul en Echt-Susteren, kennen een afzonderlijke bepaling voor defecte voertuigen. Daarbij geldt dat een voertuig dat door meer dan eenvoudig te verhelpen gebreken niet kan of mag rijden, niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg mag worden geparkeerd. Acht het college een dergelijke bepaling ook voor Stein van toegevoegde waarde? Graag met motivering.
5. Welke juridische en praktische aandachtspunten ziet het college bij het opnemen van zo’n bepaling, met name ten aanzien van proportionaliteit, handhaafbaarheid en bewijsbaarheid?
6. Indien het college van oordeel is dat een aanvullende bepaling wenselijk en juridisch mogelijk is, is het college dan bereid hiervoor een voorstel tot wijziging van de APV Stein aan de raad voor te leggen?
Erop vertrouwende dat u ons schrijven in goede orde ontvangt en in afwachting van nader bericht.
De fractie Communiceren Met Burgers.
Met vriendelijke groet,
Joost Lamens, raadslid
2