Voorschoten, 9 juli 2026
Bron laatst gecontroleerd op 5 oktober 2026.
Schriftelijke vragen
ex Artikel 39 Reglement van Orde gemeenteraad Voorschoten
Datum 9 juni 2026 Datum verzending 9 juni 2026 Nummer vraag 451 Behandelaar Ype Smith Ons zaaknummer Z/26/111283/491226 Portefeuillehouder Wethouder Schokker Bijlage n.v.t.
Onderwerp Beantwoording schriftelijke vragen 451 VVD en SP Bouwweg Starrenburg III
Geachte Raad,
Door de VVD en SP-fractie zijn op 12 mei vragen gesteld met betrekking tot de Bouwweg van
Starrenburg III.
Beide fracties geven bij de indiening van de vragen de volgende toelichting: Op 12 mei 2026 is
het eindrapport van de ODWH en bijbehorende informatiebrief 42 met de raad gecommuniceerd
aangaande het onderzoek naar de gebruikte materialen voor de bouwweg Starrenburg III. De
ODWH concludeert dat:
1. sprake is van toepassing van een niet-vormgegeven bouwstof die (grotendeels) uit
staalslakken bestaat;
2. deze toepassing heeft plaatsgevonden zonder de vereiste vergunning;
3. gebruik is gemaakt van een milieuverklaring bodemkwaliteit/AP04-rapport dat niet
voldoet aan de Regeling bodemkwaliteit 2022.
Waarmee er sprake is van vertreding van de Omgevingswet, de Wet milieubeheer, het Besluit
activiteiten leefomgeving en de Regeling bodemkwaliteit 2022.
Het college wordt verzocht de volgende vragen schriftelijk te beantwoorden:
Vraag 1. Betekent dit concreet dat de bouwweg Starrenburg III per direct afgesloten
wordt en tot nader order niet meer gebruikt zal worden voor (bouw)verkeer?
Antwoord 1. Wij begrijpen dat de berichtgeving over het gebruik van staalslakken in
Starrenburg III vragen en zorgen oproepen bij omwonenden en uw raad. Het college hecht er
aan deze zorgen serieus te nemen en transparant te zijn over de feiten en de wijze waarop
toezicht en handhaving zijn georganiseerd.
Nee, de ODWH heeft geen bevoegdheid om een weg af te sluiten. Het toezicht van de ODWH
richt zich op de aangebrachte niet vormgegeven bouwstoffen. De ODWH acht het gezien de
omstandigheden thans niet noodzakelijk dat de bouwweg wordt afgesloten.
Vraag 2. Betekent dit dat alle materiaal gebruikt voor de huidige bouwweg verwijderd
zal moeten worden en opnieuw zal moeten worden aangelegd (met ander materiaal)?
Antwoord 2. De aangebrachte laag met menggranulaat is juist toegepast (met certificaat). De
ODWH geeft aan dat het nog onduidelijk is of de verdachte laag die onder het menggranulaat
aanwezig is uiteindelijk weggehaald moet worden. Het voornemen tot het opleggen van Last
Onder Dwangsom (verder LOD) is op 22 mei 2026 door de ODWH aan De Raad Bouw
verzonden. Volgens geldende procedures van de Algemene wet bestuursrecht kan De Raad
Bouw binnen twee weken na verzending een zienswijze naar voren brengen bij de ODWH.
Na verwerking van de zienswijze gaat de ODWH, als de zienswijze ongegrond worden verklaard,
zo spoedig mogelijk over tot het opleggen van de LOD. In de LOD is een begunstigingstermijn
opgenomen van vier weken. Dat betekent dat binnen deze termijn de overtreding ongedaan
gemaakt moet worden. Na de begunstigingstermijn wordt per week dat de overtreding
voortduurt een bedrag van € 37.500 verbeurd door de overtreder met een maximaal te
verbeuren bedrag van € 150.000. Mocht na het verbeuren van het maximale dwangsombedrag
de overtreding onverhoopt voortduren, dan kan een nieuwe LOD worden opgelegd met een
hogere dwangsom als prikkel om de overtreding te beëindigen.
Vraag 3. Zo ja, kan het college aangeven welke partij(en) verantwoordelijk is / zijn
voor deze werkzaamheden en wie daarvoor financieel aansprakelijk is?
Antwoord 3. De (hoofd-) aannemer is (financieel) verantwoordelijk voor de werkzaamheden. De
ODWH geeft aan dat het nog te vroeg is om nu al definitief een uitspraak over te doen over de
financiële aansprakelijkheid.
Vraag 4. Hoe hoog is de last onder dwangsom waaraan gerefereerd wordt en welke
escalatiemogelijkheden zijn er als er geen gehoor wordt gegeven aan de aanwijzing
om de staalslakken te verwijderen?
Antwoord 4. De ODWH heeft een voornemen last onder dwangsom opgesteld waarvan de
maximale hoogte van de last €150.000 bedraagt. Als er geen gehoor aan wordt gegeven kan
een nieuwe last onder dwangsom worden opgelegd met een hoger dwangsombedrag. Zie ook
het antwoord bij vraag 2.
Vraag 5. Wanneer de bouwweg opnieuw zal moeten worden aangelegd, kunnen
andere geconstateerde klachten als opwaaiend bouwstof dan meteen ondervangen
worden?
Antwoord 5. De gemeente is voortdurend bezig om de aannemer aan te spreken om opwaaiend
bouwstof te voorkomen. De aannemer heeft daar gehoor aan gegeven. Dit blijven we zorgvuldig
in de gaten houden.
Vraag 6. Kan het College aangeven wat de ontstane situatie betekent voor een
vertraging van het realiseren van het bouwproject Starrenburg III?
Antwoord 6. Vooralsnog is er sprake van enkele dagen vertraging omdat de Raad Bouw zelf
tijdelijk de bouwweg heeft afgesloten totdat duidelijk was wat er aan de hand was. Indien blijkt
dat de bouwweg (deels) moet worden verwijderd zal de vertraging afhankelijk van uit te voeren
werkzaamheden verder oplopen. Hier is nu nog geen precieze inschatting van te geven.
Vraag 7. De ODWH geeft in haar rapport aan dat er nog onzekerheden bestaan m.b.t.
de risico’s op uitloging en contact met grondwater: wat betekent dit voor eventuele
verontreiniging van de ondergrond / grondwater ter plaatste van de huidige
bouwweg?
Antwoord 7. De ODWH geeft aan dat dit nog onbekend is en afhankelijk is van de samenstelling
van de verdachte laag.
Vraag 8. Is door de ODWH ook onderzoek gedaan naar eventuele noodzakelijke
schoonmaakwerkzaamheden in de directe omgeving van de bouwweg? Hoe worden de
betrokken omwonenden hierover geïnformeerd?
Antwoord 8. De ODWH geeft aan dat het vrijkomende stof afkomstig is van de toplaag die
bestaat uit gecertificeerd menggranulaat (zonder staalslakken). De ODWH heeft de aannemer
geadviseerd om de weg nat te houden zodat stofoverlast beperkt wordt. De gemeente heeft de
aannemer hierop aangesproken en deze heeft daar gehoor aan gegeven. Wij realiseren ons dat
bewoners behoefte hebben aan duidelijkheid over mogelijke risico’s en effecten om hun
leefomgeving. Los van de formele kaders vinden wij het van belang om zorgvuldig om te gaan
met vragen over milieu en gezondheid. Met name via de projectpagina
www.voorschoten.nl/starrenburg-III blijven we omwonenden zo goed mogelijk informeren.
Vraag 9. Hoe beoordeelt het college, met de kennis van nu, het vertrouwen in de firma
de Raad Bouw BV als verantwoordelijk aannemer, mede gezien ook andere
geconstateerde overtredingen van afspraken waarvoor de gemeente op 7 mei 2026
reeds een aangetekende brief heeft verzonden?
Antwoord 9. Het college heeft de Raad Bouw in een bestuurlijk gesprek nadrukkelijk
aangesproken op haar verantwoordelijkheden. Tijdens dit gesprek gaf de Raad Bouw aan
verrast te zijn over de aanwezigheid van staalslakken. Voor wat betreft de geconstateerde
overtredingen hebben ze uitgelegd wat hiervan de oorzaak was en aangegeven dat ze het
betreuren dat ze op sommige punten een valse start te hebben gemaakt. In het algemeen is er
beterschap beloofd. De gemeente en de ODWH houden de voortgang scherp in de gaten.
Vraag 10. Is het mogelijk om de gemeenteraad actief te informeren over de voortgang
van zowel de handhaving van de door ODWH geconstateerde overtreding m.b.t. de
staalslakken als de andere geconstateerde overtredingen van afspraken?
Antwoord 10. De ODWH is namens het college gemandateerd voor de uitvoering van de
Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving) op het gebied van milieu en bodem. De
gemeente heeft nauw contact met de ODWH over de voortgang van dit onderwerp. We houden
de raad hierover op de hoogte.
Met vriendelijke groet,
het college van burgemeester en wethouders,
E.A. van Wattingen, mw. drs. N. Stemerdink, gemeentesecretaris burgemeester
Deze brief is digitaal vastgesteld. Hierdoor staat er geen fysieke handtekening in de brief.