Zwolle, 28 september 2026
Bron laatst gecontroleerd op 5 oktober 2026.
Raadsvragen Swollwacht (7 juli) overlast groepen jongeren Holtenbroek
De fractie van het Swollwacht heeft op 7 juli 2026 schriftelijke vragen gesteld over groepen jongeren welke overlast veroorzaken in de wijk Holtenbroek. Met deze raadsbrief geven wij antwoord op de gestelde vragen.
Vraag 1: Is het college bekend met de aanhoudende meldingen van jeugdoverlast in Holtenbroek?
Antwoord: Ja, het college is er mee bekend dat in Zwolle-Noord inwoners en andere gebruikers van de wijk met enige regelmaat overlast van groepen jongeren ervaren. Dit concentreert zich op verschillende plekken in de wijk. De groepen welke overlast veroorzaken zijn veelal fluïde groepen: zij kenmerken zich als een sociaal netwerk van connecties van familie, vrienden en bekenden. Zij worden aangetroffen in wisselende samenstelling, verplaatsen zich snel binnen de buurt maar ook door de stad en hebben verschillende verzamelplekken.
Vraag 2: Hoeveel meldingen van jeugdoverlast, intimidatie, bedreiging en geweld zijn in Holtenbroek geregistreerd in 2024, 2025 en tot nu toe in 2026?
Antwoord: Op basis van de beschikbare politiegegevens zijn in Holtenbroek in de afgelopen 12 maanden, met als peildatum 19 augustus 2026, 88 meldingen van jeugdoverlast geregistreerd.
Ter vergelijking: in dezelfde periode zijn in de Binnenstad 45 meldingen, in Wipstrik 33, in Diezerpoort 64, in Stadshagen 143 en in Aa-landen 85 meldingen van jeugdoverlast geregistreerd.
De politie kan binnen deze registratie geen onderscheid maken tussen meldingen van jeugdoverlast, intimidatie, bedreiging en geweld waarbij jeugd als afzonderlijke categorie wordt meegenomen. Hierdoor zijn voor deze onderdelen geen afzonderlijke aantallen beschikbaar.
Op basis van de beschikbare gegevens van Handhaving zijn in de periode van 1 januari 2025 tot en met 20 augustus 2026 in Holtenbroek 123 meldingen van jeugd geregistreerd.
Ter vergelijking zijn in dezelfde periode 232 meldingen geregistreerd in West, 178 in Centrum, 164 in Oost en 73 in Aa-landen.
Vraag 3: Op welke locaties in Holtenbroek is sprake van de meeste overlast?
Antwoord: De overlast door jongerengroepen concentreert zich op meerdere locaties. Bij de gemeente zijn signalen bekend van overlast door (jeugd)groepen op en rondom het winkelcentrum Holtenbroek (Bachplein), de parkeerplaats naast het wijkcentrum Holtenbroek (Bachlaan) en in de late avonduren open nabij het Johan Cruijff Court (Bellinistraat) en een parkeerplaats aan de Gombertstraat.
Daarnaast zijn in de wijk incidentele situaties geweest waarbij sprake was van vernielingen of hinderlijk/intimiderend gedrag, zoals het in brand steken van een speeltoestel in het Assenkruis (west-as), het gooien met eieren en meel en een voorval wat leek op ‘jumping’. (Bij jumping wordt iemand uit het niets geslagen, aan de haren getrokken of mishandeld door een groep, veelal gaat het om een wraakactie maar kan ook willekeurig zijn. Soms wordt dat gefilmd en gaan die filmpjes vervolgens rond via bijvoorbeeld Snapchat).
Vraag 4: Welke maatregelen zijn de afgelopen twee jaar genomen om deze overlast terug te dringen?
Holtenbroek kent een lange historie van integraal wijkgericht werken met het bieden van een veilig woonen leefklimaat als één van de belangrijkste wijkopgaven. Vanuit deze opgave werken verschillende partners (Het Werkt Sociaal, BOA’s, Halt, sociaal wijkteam, politie) samen met bewoners (Wijkplatform Holtenbroek / Veilig Holtenbroek) aan een gezond pedagogisch buurtklimaat, ondersteuning van jongeren en het voorkomen en aanpakken van (jeugd)overlast.
Sinds begin dit jaar is ook Zwolle Noord (Holtenbroek en Aa-landen) aangesloten bij de nieuwe ingerichte aanpak jeugd en veiligheid, gebaseerd op de AVE (aanpak voorkomen escalatie). (Zie de raadsbrief (13 mei 2026)). Hiermee is er een duidelijke structuur neergezet; onder regie van het wijkmanagement komt elke maand het uitvoeringsteam jeugd bijeen. Zij bespreken rondom jeugd gebeurtenissen, ontwikkelingen, initiatieven en projecten in de wijk. Vanuit verschillende expertise wordt gekeken wat nodig is en worden gezamenlijke acties afgestemd en uitgevoerd.
Aansluitend op het uitvoeringsteam vindt onder regie van de gemeente het vroegsignaleringsoverleg plaats. In dit overleg worden signalen van individuele jongeren met risicogedrag met elkaar gedeeld en gekeken wat er nodig is om afglijden richting criminaliteit te voorkomen.
Wijkwerkers worden geïnformeerd over meldingen om vervolgens samen te kijken naar effectieve interventiemogelijkheden, wat daarvoor nodig is en wie de beste ingangen heeft. Naar aanleiding van een tienergroep die zich eind juni negatief manifesteerde op het winkelplein in Holtenbroek, heeft de jeugdboa in diezelfde week huisbezoeken afgelegd om ouders te informeren over het gedrag van hun kind. Een aantal ouders hebben hierop hun kind aangesproken (en mogelijk beperkingen opgelegd) wat ertoe heeft geleid dat deze groep minder zichtbaar en hinderlijk is op het winkelplein.
Samen met de jeugdboa hebben de straatcoaches en het ambulant jongerenwerk van Het Werkt Sociaal een reguliere taak om contact te leggen en verbinding te maken met groepen jongeren op straat. Helpend daarbij is dat sinds vorig najaar wij een (tijdelijk) jongerencentrum in Holtenbroek hebben kunnen realiseren; Jongerencentrum De Wijk. Deze voorziening biedt jongeren een ontmoetings- en ontwikkelingsplek en stelt jongerenwerkers in staat om jeugd op straat daarnaartoe te leiden, contact op of verder uit te bouwen, perspectief- en talentgericht te werken en signalen op te vangen. Een belangrijk deel van de groepen jongeren welke overlast veroorzaken bezoekt het jongerencentrum regelmatig. De jongerenwerkers spreken deze jongeren (normerend) aan.
Mochten interventies van wijkwerkers onvoldoende blijken bestaat er de mogelijkheid om zwaardere interventies in te zetten. De wijkmanager beschikt over een document/interventielijst met allerlei vormen van interventies en zal indien nodig hierop inzetten.
Vraag 5: Acht het college deze maatregelen voldoende effectief? Zo ja, waaruit blijkt dat?
Antwoord: Wij hebben veel vertrouwen in de ingerichte duurzame netwerksamenwerking, de contacten en verbindingen die er zijn en de gedane interventies alsmede de mogelijkheden om te kunnen interveniëren.
Vraag 6: Hoe vaak zijn politie, handhaving en jongerenwerk momenteel zichtbaar aanwezig in de wijk en wordt deze inzet waar nodig geïntensiveerd?
Antwoord: Er is veel politie in Holtenbroek maar de zichtbare aanwezigheid van de twee wijkagenten staat onder druk. De jeugdboa’s hebben te maken met personeelstekorten en het jongerenwerk met langdurige uitval door ziekte. Deze personele ontwikkelingen maken dat de bezetting onder het gewenste niveau is en er minder contact/beïnvloeding is met de (jeugd)groepen. Dit maakt de situatie meer kwetsbaar.
Door de inzet van ambulante uren voor jongerencentrum De Wijk en de langdurige uitval van de ambulant jongerenwerker staat de beschikbare capaciteit voor ambulant jongerenwerk in de wijk onder druk. Wij zijn met Het Werkt Sociaal in gesprek over mogelijkheden om de zichtbaarheid en slagkracht van het ambulant jongerenwerk in de wijk te versterken, met behoud van de waardevolle functie van jongerencentrum De Wijk.
Vraag 7: Zijn er bij de gemeente of politie zogenoemde overlastgevende of criminele jeugdgroepen in Holtenbroek in beeld? Zo ja, welke aanpak wordt hiervoor gehanteerd?
Antwoord: Ja, naast een paar vaste jeugdgroepleden zijn de groepen veelal fluïde qua samenstelling en mobiliteit. Ze zijn niet meer, zoals in het verleden vaak kenmerkte, samengesteld uit buurtjongeren maar komen tegenwoordig uit allerlei wijken en soms ook uit gemeenten rondom Zwolle. Daardoor zijn ze anoniemer en is kans op herkenning minder groot. Het maakt het werk van wijkprofessionals vaak lastiger en vraagt extra aandacht om te achterhalen wie het zijn. Daar komt bij dat dit soort overlastgevend gedrag dikwijls ontstaat in de online leefwereld. Daar ligt nog een ontwikkelvraagstuk. Met Het Werkt Sociaal zijn afspraken gemaakt om hier meer aandacht voor te hebben en te onderzoeken hoe zij hierop kunnen inspelen. Ook voor de jeugdboa's ligt hier een ontwikkelvraag: hoe kunnen jeugdboa's aansluiten bij de leefwereld van jongeren en ook online toezicht houden en indien nodig handhaven?
Op dit moment is er wel sprake van hinderlijke en overlastgevende jeugdgroepen maar zijn er geen criminele jeugdgroepen. Hinderlijke en overlastgevende jeugdgroepen worden besproken in de uitvoeringsteams jeugd in de wijk, individuele jeugdgroepleden worden besproken in de vroegsignaleringsoverleggen op stadsdeelniveau. Vanuit beide overleggen kunnen interventies georganiseerd worden. Mocht dat onvoldoende blijken, dan kan er opgeschaald worden en zowel individuele jongeren als jeugdgroepen doorgeleidt worden naar de casustafel risicojongeren of het Zorg en Veiligheidshuis. Ook kunnen er bestuurlijke maatregelen opgelegd worden.
Vraag 8: Welke mogelijkheden ziet het college om sneller en steviger op te treden tegen jongeren die zich schuldig maken aan intimidatie, vernieling of geweld?
Antwoord: Met de nieuwe aanpak jeugd- en veiligheid (zie raadsbrief 13 mei 2026) is dit afdoende ingeregeld. Er zijn stevige samenwerkingen opgezet en een logische ‘infrastructuur’ ingericht zodat er efficiënt opgetreden kan worden.
Vraag 9: Hoe worden bewoners actief betrokken bij de aanpak van de overlast en op welke wijze worden zij geïnformeerd over de voortgang?
Antwoord: Bewoners die overlast melden worden krijgen een terugkoppeling van wijkagenten, BOA’s of het wijkmanagement. Ook worden door wijkprofessionals bij aanhoudende overlast vaak hun contactgegevens gedeeld met deze bewoners zodat er een directe communicatielijn ontstaat.
Daarnaast is er in Holtenbroek het initiatief ‘Veilig Holtenbroek’. Een actieve bewonersgroep die zich inspant voor de leefbaarheid en veiligheid in de wijk. Wijkwerkers en actieve bewoners overleggen met elkaar en zetten acties op. De regie hierop ligt bij de wijkregisseur van de gemeente.
Vraag 10: Deelt het college de opvatting dat bewoners zich veilig moeten kunnen voelen in hun eigen wijk en is het bereid, indien de huidige aanpak onvoldoende effect heeft, aanvullende maatregelen te treffen? Zo ja, welke maatregelen overweegt het college?
Antwoord: Wij willen dat Zwolle een veilige stad is voor iedereen. Elke dag werken wij samen met inwoners en partners aan een veilige stad. Dat doen we bijvoorbeeld door de integrale aanpak Jeugd en Veiligheid. Wij evalueren de aanpak en sturen indien nodig bij. Op dit moment overwegen we nog geen nieuwe maatregelen.
Vraag 11: Is het college bereid om op korte termijn met een integraal plan van aanpak voor Holtenbroek naar de raad te komen, waarin politie, handhaving, jongerenwerk, woningcorporaties en bewoners gezamenlijk optrekken om de overlast en gevoelens van onveiligheid terug te dringen?
Antwoord: Nee, er is namelijk al sprake van een integrale aanpak op wijkniveau met daarbinnen voldoende handelingskader en opschalingsmogelijkheden waar nodig. Dit heeft u kunnen lezen in de antwoorden op de vragen.